Het Turkije Instituut is sinds eind 2015 gesloten. Aanleiding tot dit besluit was het gebrek aan perspectief op nieuwe fondsen, mede in het licht van de ontwikkelingen in Turkije. De website (turkije-instituut.nl) is nog wel toegankelijk als informatiebron. Hierdoor zal althans een deel van de expertise die in de afgelopen acht jaar is opgebouwd behouden blijven.

Turkije moedigt bevolking aan te sparen

21 februari 2013 - In 2010 en 2011 was de Turkse economie nog de snelst groeiende van Europa: met groeicijfers van respectievelijk 9,2 en 8,5 procent liet Turkije alleen China voor zich. De cijfers zijn in lijn met het verlangen van Turkije om zich over tien jaar in de top tien van grootste wereldeconomieën te bevinden. De huidige regering van premier Erdoğan heeft daartoe een langetermijnstrategie genaamd Vision 2023 ontwikkeld, waarin een reeks voornemens ten opzichte van de nationale ontwikkeling op economisch, politiek en sociaal terrein is geformuleerd. In 2012 stagneerde in Turkije – net als in China – de economische groei. Met een BNP van 1.125 biljoen dollar in 2012 ten opzichte van 1.093 biljoen dollar in 2011, groeide de Turkse economie met circa 3 procent. Belangrijkste groeisectoren zijn de auto-industrie, bouwsector, elektronica-industrie, dienstensector en textielindustrie.

Het IMF verwacht voor 2013 een groeicijfer van 3,5 procent. Volgens Güler Sabancı, CEO van Sabancı Holding, is dat niet genoeg. In het jaaroverzicht dat Sabancı schreef aan haar collega’s, stelt zij dat de Turkse economie een gemiddeld groeicijfer van minimaal 6 procent nodig heeft om de doelen van Vision 2023 te bereiken. Turkije staat op het punt om forse langlopende investeringen te doen op het gebied van de nationale infrastructuur, de energiesector en andere logistieke investeringen om een blijvende economische groei te faciliteren. Het grootste probleem van de Turkse overheid is echter om fondsen te werven voor dergelijke projecten.

Turkije heeft een gebrek aan eigen vermogen wat vooral tot uiting komt in een groot tekort op de lopende rekening en een lage spaarquote. Daardoor is het land voor een belangrijk deel afhankelijk van kapitaal uit het buitenland en de private sector. De Turkse overheid verwacht in de aankomende twintig jaar onder meer 107 miljard dollar nodig te hebben voor de energiesector, terwijl het in de komende vijf jaar reeds 20 tot 30 miljard dollar nodig heeft voor de nationale infrastructuur en circa 50 miljard voor geplande – niet gefinancierde – transportprojecten. Turkije leek recentelijk op de goede weg te zijn met een concessie ter waarde van 5,7 miljard voor het beheren van 1975 km aan bestaande wegen en de twee bruggen over de Bosporus in Istanbul aan een internationaal consortium onder leiding van Koç Holding. Premier Erdoğan haalde echter in februari een streep door het contract, aangezien de waarde voor de concessie volgens hem op minimaal 7 miljard zou liggen. De premier verkiest een publieke veiling om de winstmarge voor de Turkse staat te maximaliseren. Het besluit kan echter negatieve consequenties hebben, aangezien investeerders op dit moment juist verlangen naar grotere voorspelbaarheid van het investeringsklimaat. Directeur corporate banking bij AK Bank Alper Yüksel stelt naar aanleiding van het besluit van Erdoğan dat potentiële geldschieters twee keer zullen nadenken voor ze meedingen in een privatiseringsproject, aangezien een grote hoeveelheid tijd en geld gemoeid is met het meedingen naar een concessie.

Hoewel er grote behoefte is aan directe buitenlandse investeringen (Foreign Direct Investment – FDI) in de Turkse economie, bestaat slechts een klein deel van de kapitaalstromen momenteel uit FDI. Het grootste deel bestaat uit kortlopende leningen of ‘hot money’ die onder meer een negatief effect op de lopende rekening hebben. Paul Rawkins van kredietbeoordelaar Fitch stelt dat de afhankelijkheid van kortlopende leningen uit buitenlandse fondsen een belangrijke zwakte is die economische stabiliteit en een hogere kredietbeoordeling in de weg staat. Fitch waardeerde de kredietstatus van Turkije in november 2012 nog op naar BB+ in plaats van BBB-. De Turkse economie is door de vluchtige kapitaalstromen te afhankelijk van speculaties uit het buitenland. In tijden van mondiale hoogconjunctuur resulteert dat in forse buitenlandse kapitaalstromen die de koers van de lira opdrijven, wat import uit het buitenland aanmoedigt en vervolgens het tekort op de lopende rekening verder doet toenemen. In het huidige instabiele economische mondiale klimaat betekent een dip echter dat kortlopende leningen ook weer even snel kunnen worden teruggetrokken, wat de koers van de lira doet inzakken en de binnenlandse markt laat inkrimpen.

Een gebrek aan FDI staat in combinatie met een hoog inflatiecijfer en een structureel tekort op de lopende rekening een verdere stabilisatie van de Turkse economie in de weg. Volgens het Turks Statistisch Instituut steeg de consumentenprijsindex in het eerste kwartaal van 2012 met 10,61 procent ten opzichte van Q1 2011: het hoogste inflatiecijfer in drie jaar. Het uiteindelijke inflatiecijfer voor 2012 lag op 6,16 procent. De Turkse minister van Financiën Mehmet Şimşek sprak recentelijk de verwachting uit dat het Turkse inflatiecijfer in 2013 zou dalen naar 5,3 procent. Dat is in lijn met de plannen die door Erdem Başçı, de president van de Turkse Centrale Bank, werden gepresenteerd. De Centrale Bank wil de inflatie terugbrengen tot 5 procent om een grotere binnenlandse kapitaalmarkt te laten ontstaan en het tekort op de lopende rekening terug te dringen. Daarnaast hoopt de Centrale Bank dit tekort te beheersen door de rentevoet te verhogen en zo de binnenlandse markt meer in lijn met de groei van de exportmarkt te laten verlopen. De Wereldbank verwacht met een inflatiecijfer van 6,1 procent echter een lichtere daling en waarschuwt bovendien nog steeds voor een groeiend tekort op de lopende rekening. Het tekort op de lopende rekening bedroeg volgens de Wereldbank 6,8 procent van het BNP, maar zou in de loop van 2013 stijgen naar 7 procent.

Een laag nationaal spaarsaldo is volgens Rawkins een van de belangrijkste factoren die deze problemen in stand houdt. Een rapport van de Wereldbank over het spaargedrag in Turkije laat zien dat het Turkse spaarsaldo sinds 1988 gestaag daalt. In eerste instantie onder aanvoering van de publieke sector, maar sinds 2001 van de private sector. Deze daling in het particuliere spaarsaldo is zo sterk dat het een relatieve stijging van het publieke spaarsaldo overvleugelt en een verdere daling van het totale relatieve spaarsaldo bestendigt. Waar het totale spaarsaldo in de jaren negentig nog circa 22 procent van het BNP bedroeg, lag het in 2011 op 14 procent van het BNP. De relatieve economische stabiliteit, kapitaalkrachtige banken, groeiende banenmarkt, een groeiende belangstelling voor luxegoederen en makkelijke toegang tot leningen staan de groei van het particuliere spaarsaldo in de weg.

Volgens economen verdient het aanbeveling om de publieke sector een groter spaarsaldo te laten opbouwen. Op deze manier zou het tekort op de lopende rekening verdwijnen en de rentevoet omlaag worden gedreven wat kortlopende leningen buiten de deur houdt. De Centrale Bank onderkent het belang van een groter spaarsaldo en tracht het nationale spaarsaldo op te vijzelen door gunstigere regelingen ten aanzien van spaarbelasting en pensioensopbouw. Afgezien hiervan houdt de Centrale Bank het voorlopig bij de aanbeveling om beleid dat sparen aanmoedigt te consolideren en uit te bouwen. Minister Şimşek liet bovendien weten dat het kabinet overweegt om de belastingen op lange termijndeposito’s te verlagen en op korte termijndeposito’s te verhogen, om Turken aan te moedigen meer en langer te sparen. Hij gaf echter geen termijn waarbinnen de plannen in werking zouden worden gezet.

Blogs

Turkije Instituut sluit zijn deuren
Turkije Instituut sluit zijn deuren
Nieuw Turks kabinet, Turkse rechtsstaat verder onder druk
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Voortgangsrapport 2015: EU tikt Turkije op de vingers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Aan het roer: de grondwet en de economie als AKP's hoofdpijndossiers
Lees meer...