Het Turkije Instituut is sinds eind 2015 gesloten. Aanleiding tot dit besluit was het gebrek aan perspectief op nieuwe fondsen, mede in het licht van de ontwikkelingen in Turkije. De website (turkije-instituut.nl) is nog wel toegankelijk als informatiebron. Hierdoor zal althans een deel van de expertise die in de afgelopen acht jaar is opgebouwd behouden blijven.

Turkije haalt Russisch vliegtuig neer, internationale coalitie tegen Daesh/IS lijkt te klappen

25 november – Met het neerhalen van het Russische gevechtsvliegtuig, in de loop van de ochtend van dinsdag 24 november, zijn de internationale verhoudingen tussen de NAVO en Rusland danig op de proef gesteld. Volgens de lezing van Turkije schond de Russische SU-24 het Turkse luchtruim, ondanks dat de Russen volgens de Turken ‘minimaal tien keer’ gewaarschuwd werden in de nabijheid van de Syrisch-Turkse grens. Gedurende de loop van de dag was er nog veel onduidelijk over het voorval, onder meer omtrent het lot van de piloten en dat van de twee Russische helikopters die naar hen op zoek waren. Daarentegen lijkt het duidelijk dat het incident ernstige gevolgen kan hebben voor de Turks-Russische verhoudingen, voor de rol van de NAVO in het gebied en voor het ideaal van een internationale coalitie tegen Daesh/IS. 

In de (sociale) media werd het neerschieten van de Russische SU-24 logischerwijs breed uitgemeten: het betrof niet zomaar een incident, dit was een directe gewapende confrontatie tussen aan de ene kant het militaire verbond van de Westerse landen, waar Turkije onderdeel van is, en aan de andere kant Rusland. Zelfs gedurende de ijzigste tijden van de Koude Oorlog werd er geen Russisch veligtuig door een NAVO-lid neergehaald, hetgeen sommige apocalyptici ertoe bracht te spreken over ‘het mogelijke startschot voor een Derde Wereldoorlog’.

                Dat de situatie zeer penibel was, bleek wel uit de reacties van de Russische president Poetin, de Turkse premier Davutoğlu en van Jens Stoltenberg, secretaris-generaal van de NAVO. President Poetin gebruikte felle bewoordingen om de aanval te veroordelen. Voorafgaand aan een ontmoeting tussen hem en de Jordaanse Koning Abdullah II stelde hij dat het neerhalen van de Russische straaljager een ‘dolkstoot in de rug’ was, toegebracht door ‘handlangers van terroristen’, een directe stigmatisering van Turkije. Hij stelde dat de Russen in de noordelijke regio rondom Latakia bezig waren om terroristen die in potentie terug zouden kunnen keren naar Rusland te neutraliseren en dat deze aanval ‘serieuze consequenties’ zou hebben voor de Turks-Russische verhoudingen. De Russische minister van Buitenlandse Zaken deed nog een duit in het zakje en zegde zijn bezoek aan Turkije, dat gepland stond voor vandaag, af. Ook raadde hij Russische toeristen af om naar Turkije af te reizen, aangezien het risico op terroristische aanslagen daar ‘even groot is als in Egypte’, waar vorige week een Russisch passagiersvliegtuig werd neergeschoten door Daesh/IS. De Turkse toeristische sector, die het toch al moeilijk heeft, zou bij een eventuele boycot door een van de belangrijkst groep toeristen, verder in de problemen kunnen komen.
                In reactie op het incident reageerde de Turkse premier Davutoğlu eveneens fel door te stellen dat het neerhalen van de Russische SU-24 gezien moet worden in de context van het beschermen van de Turkse grens en de Turkse burgers, waarvoor het bereid is ‘welk offer dan ook’ te brengen. Hij voegde toe dat de aanval niet gericht was tegen een bepaalde soevereine staat, maar dat ‘Turkije het recht heeft actie te ondernemen tegen elke schending van haar soevereine grenzen’, hetgeen dus was gebeurd door de Russische straaljager. De mogelijkheid van een ongeluk werd uitgesloten.

                Al vanaf eind september, het moment waarop Rusland begon met het ondernemen van militaire acties in Syrië, bestaat er bij Turkije en haar bondgenoten twijfel over de doelen waar de Russen zich op richten: meer dan eens zou het niet alleen gaan om Daesh/IS, maar ook om andere rebellengroeperingen die de Syrische president Assad zien als tegenstander, maar die juist worden gesteund door bijvoorbeeld Turkije. In het gebied waar het Russische vliegtuig vloog wonen ca. 300.000 Turkmenen, een bevolkingsgroep nauw verwant aan en gesteund door Turkije. Volgens de Turkse krant Hürriyet werd de Russische ambassadeur afgelopen vrijdag nog op het matje geroepen omtrent de acties van het Russische leger in het gebied, waarbij Turkije naar verluidt de Russen de waarschuwing gaf geen maatregelen te schuwen in het geval van territoriale schendingen of het aanvallen van Turkmenen.

                Gisteren werden in de namiddag de NAVO-ambassadeurs in Brussel bijeen geroepen voor een buitengewone vergadering. Na de felle reacties van Poetin en Davutoğlu probeerde Stoltenberg, als secretaris-generaal de hoogste baas van de NAVO, de gemoederen te sussen: hij predikte voor ‘kalmte en de-escalatie’, maar liet eveneens weten dat de NAVO achter de Turkse lezing van het incident staat en de territoriale integriteit van Turkije steunt. Logischerwijs is het laatste wat de leden van de NAVO willen een verdere escalatie van de verhoudingen met Rusland, zeker nu in de afgelopen weken de mogelijkheden voor een brede, internationale coalitie tegen Daesh/IS verkend werden.

 

Wat voor gevolgen kan het neerhalen van de Russische straaljager hebben op geopolitiek en op bilateraal niveau?
                Ten eerste  lijken de genoemde plannen voor een brede coalitie, waarbij NAVO-leden zoals Frankrijk, de Verenigde Staten, Turkije én Rusland samenwerken om Daesh/IS  een slag toe te brengen, opgeborgen te kunnen worden. Hoewel het volgens Jaap de Hoog Scheffer, oud-secretaris-generaal van de NAVO, ‘wenselijk voor alle partijen’ is dat er een politieke oplossing komt voor Syrië, geeft hij eveneens aan dat het nu ‘de fase van de retoriek’ is, waarbij het risico van een ‘ongewild conflict groot is’. De politieke rust moet worden bewaard, militairen gaan geen oplossing voor het conflict brengen, zo stelt hij. De onderhandelingen voor een brede coalitie werden op voorhand al bemoeilijkt door het feit dat de verschillende partijen allen iets anders willen: sommigen zien het aanblijven van Assad als een voorwaarde (Rusland) of in ieder geval als een tijdelijke oplossing (Frankrijk), terwijl anderen, waaronder de Verenigde Staten en Turkije, een oplossing zonder Assad aan het Syrische roer als de enige oplossing zien. Na de aanslagen in Parijs en de aanslag op het Russische vliegtuig in de Sinaï hebben zowel de westerse landen als Rusland echter wel gedeelde wonden: hierdoor blijft de deur richting de formatie van een internationale coalitie op een kier.
                Ten tweede is het de vraag wat voor gevolgen het incident zal hebben op bilateraal niveau: in hun retoriek plaatsen Rusland en Turkije zich recht tegenover elkaar, maar desondanks lijkt het niet waarschijnlijk dat zij zich in rap tempo van elkaar zullen vervreemden. Hiervoor zijn Turkije en Rusland op economisch gebied te afhankelijk van elkaar: Turkije is voor de Russen een belangrijke handelspartner, voornamelijk op het gebied van toerisme en energie – zo is Turkije nummer twee op de lijst met grootste afnemers van Russisch gas. Andersom geldt voor Turkije dat het zeer afhankelijk is van het importeren van dit gas, doordat het zelf geringe grondstoffen heeft: daarom is 57% van de totale import van aardgas afkomstig uit Rusland. Ondanks de ernst van de situatie, is het niet waarschijnlijk dat beide partijen deze essentiële connecties op het spel willen zetten.   

Analyses Turkije Instituut

Het Turkije Instituut publiceert regelmatig analyses over de actualiteit in Turkije