De onzichtbaarheid van vrouwen in de Turkse politiek

26 maart 2014 - De positie van de vrouw in Turkije is in de afgelopen jaren, althans op papier, vooruit gegaan. De arbeidsparticipatie van vrouwen, die tussen 2002 en 2011 een neergaande lijn vertoonde, lijkt weer aan te trekken. De laatste jaren is er actief beleid gevoerd tegen huiselijk geweld maar op één terrein lukt het maar niet om vooruitgang te boeken, ondanks de aanwezigheid van meerdere, actieve lobbygroepen. De vertegenwoordiging van vrouwen in de politiek blijft ver achter bij de andere landen van de OECD.

Met één vrouw in de ministerraad (Familie en Sociale Zaken) en met slechts 14% procent vrouwelijke parlementsleden (79 van 550), komt Turkije hiermee op de 96de positie, van een totaal van 189 landen, aldus deInter-Parliamentary Union. In Nederland is dit is percentage respectievelijk 38,7 voor de Tweede Kamer en 36% voor de Eerste Kamer. Met ruim een derde aan vrouwen in het parlement staat Nederland op de 16e plek in de ranglijst.

In de lokale politiek en in het lokale bestuur zijn de cijfers in Turkije nog lager. In de laatste lokale verkiezingen in 2009 werden er slechts 26 vrouwelijke burgemeesters (0.9%) en 4.21% vrouwelijke raadsleden in ruim 3 000 gemeenten in Turkije gekozen. Daarnaast is slechts 7% van 8248 managers binnen overheid vrouw. Voor de aanstaande verkiezingen op 30 maart zijn er in totaal 200 vrouwelijke kandidaten voor de positie van burgemeester, waarvan 18 voor de AKP (slechts 1 voor een grote stad) 30 voor de MHP en 51 voor de CHP.

Het geringe aantal verkiesbare vrouwen voor de AKP is opmerkelijk omdat de partij maar liefst 3.5 miljoen geregistreerde vrouwelijke leden, aldus Cigdem Aydin, voorzitter van de Organisatie voor Steun en Training aan Vrouwelijke Kandidaten (KA.DER). Volgens Aydin komt dit door de conservatieve ideologie van de partij, en worden vrouwen gezien als spil van het gezin, niet al individu. Namens de CHP stellen 51 vrouwen zich verkiesbaar, acht hiervan voor een van de grote steden. De grootste oppositiepartij heeft in 2012 een quota van 33% aangenomen maar blijkt zich hier niet aan te kunnen houden.

De MHP had in de vorige lokale verkiezingen geen enkele vrouwelijke kandidaat en heeft nu 30 vrouwelijke kandidaten. De BDP voert de lijst met vrouwelijke kandidaten aan: in elke gemeente hebben ze twee kandidaten voor burgemeester opgevoerd, een mannelijke én vrouwelijke. Een verklaring voor de relatief goede positie van de vrouw binnen de  overwegend Koerdische partij, het Koerdische deel van het land staat nou niet zo zeer bekend om gendergelijkheid, is volgens Aydin dat de partij vecht voor democratische gelijkheid en zich dus meer bewust is van ongelijkheid. Een opvallende kandidaat van de HDP (lijstverbinding met de BDP) is de Turks-Armeense Kayuş Çalıkman Gavrilof voor  de positie van burgemeester in Adalar (Prinseneilanden), een district van de provincie Istanbul.

Ook al is Turkije vooruit gegaan – in 2007 waren er nog slechts 22 vrouwelijke parlementsleden – door de gemeentelijke herverdelingsplannen dreigen de aantallen weer achteruit zullen gaan. Door dit plan verdwijnen ruim 1000 gemeenten, waardoor de spoeling dunner wordt.


1 2 3 4 Last »